Druiven

Druiven

Druiven zijn kleine sappige vruchtjes met een stevig schilletje die aan een tros groeien. Ze zijn er in vele verschillende soorten en worden gebruikt voor het maken van dranken, maar ook voor consumptie. De druif is de besvrucht van de plant Vitis vinifera. Deze plant behoort tot de wijnstokfamilie, de Vitaceae. De druivenplant is een klimplant. Naast de wilde soort zijn er veel soorten die worden verbouwd. Er is veel keus voor zelf druiven kweken!

Druiven kweken

Druiven kweken gaat als volgt: Plant de druiven op een plaats in de volle zon, zoals bij een schutting op het zuiden. Zorg ervoor dat de plek goed gedraineerde grond heeft, want een druivenstok moet niet met de wortels in het water staan. Het beste resultaat krijg je op kleiachtige, kalkrijke  grond of humusrijke zandgrond. Druiven kweken is niet heel moeilijk. De beste tijd om een druivenplant te planten is tussen september en maart.

Voordat je begint, kun je een steunconstructie maken om later de takken aan te verbinden. Je kunt bijvoorbeeld een draadscherm neerzetten daarvoor. Het plantgat moet ruim genoeg zijn, zodat je de wortels kunt spreiden. Plant de druif net zo diep in de grond als hij op de kwekerij stond en druk dan de grond rondom de plant aan.

Plant je druiven minimaal 25 centimeter van de muur of schutting en twee meter van elkaar. Zorg ervoor dat de plant in waterdoorlatende grond staat en een goede waterafvoer heeft.

Snoeien in het eerste jaar

Tijdens de eerste zomer snoei je de uiteinden van de zijscheuten net boven het vijfde blad. Verwijder de bloesems, zodat er geen vruchten kunnen ontwikkelen.

Snoeien in het tweede en derde jaar

Snoeien in het tweede jaar verloopt hetzelfde als in het eerste jaar. Snoei de scheuten en verwijder de bloesems. In het derde jaar laat je aan elke wijnstok een tros groeien. Snoei de scheut net voorbij het tweede blad achter de tros.

Oogsten van druiven

Als de druiven rijp zijn knip je de stengel met een schaar door. Raak de vruchten zo weinig mogelijk aan. Je kunt het beste gelijk genieten van je druiven of bewaar ze een paar weken koel en donker.

Ziekten en ongedierte bij druiven

De meest voorkomende soorten ongedierte bij druiven zijn rode spint, schildluizen en meelwormen. Veel voorkomende ziekten zijn grijze schimmel, honingzwam, meeldauw en stengelrot.

Voorkomen

De meeste druiven komen voor in landen en gebieden met een mild tot mediterraan klimaat. Je kunt hierbij denken aan landen in het Middellandse Zeegebied, maar ook vind je druiven in bepaalde streken in Duitsland zoals langs de Rijn en de Moezel. Ze groeien hier goed, omdat de temperatuur een paar graden hoger is. Ze worden ook gekweekt in Vlaanderen.

Symboliek

In de christelijke symboliek is een tros druiven het symbool van het Laatste Avondmaal. Daarmee staat het ook symbool voor van het bloed van Jezus Christus. Een tros druiven is ook het attribuut van Vincentius van Zaragoza. Dat is de beschermheilige van de wijnbouwers. De druiventros staat ook symbool voor vreugde en vruchtbaarheid en daarom wordt hij vaak afgebeeld in de Hoorn des overvloeds.

Consumptiedruiven

Het is noodzakelijk dat de vruchten groot en sappig zijn en vooral een zoete smaak hebben om als fruit geteeld te worden. Er zijn tientallen cultivars die voor het eten van de druiven in aanmerking komen. Hiervoor worden blauwe en witte druiven verbouwd. De trossen moeten vroeg in hun ontwikkeling uitgezocht worden op basis van hun omvang en hun standplaats. Om mooie volle trossen te krijgen wordt er ‘gekrent’. Dat betekent dat de overtollige druiven uit de tros worden geknipt. Dit krenten gebeurt vooral in de maand juli en het is van belang dat de druiven gelijkmatig, en gelijktijdig afrijpen. Dan kan de pluk in één keer gebeuren. Alle soorten druiven kunnen gebruikt worden voor rozijnen.