Koolraap

Koolraap

De koolraap is de wortel van de Brassica napobrassica. Niet alleen de knolvormige wortel, maar ook het blad van de plant kan gegeten worden. Vroeger werd koolraap in Nederland veel gegeten, niet alleen door mensen, maar ook door het vee. Tegenwoordig staat het niet veel meer op het menu en wordt dus ook veel minder verbouwd. Koolraap behoort daarmee tot de groep van de vergeten groentes, wat eigenlijk zonde is omdat de smaak erg lekker is.

Waarschijnlijk is koolraap ontstaan uit een kruising tussen kool en knolraap. Vaak worden de namen koolraap en knolraap door elkaar gebruikt, wat tot de nodige verwarring kan leiden. Toch zijn er verschillen, bijvoorbeeld: de koolraap kan een gewicht bereiken van één tot anderhalve kilo, is oranjegeel van binnen en kan tegen verschillende temperaturen. Koolrapen zijn goed geschikt en bruikbaar als wintergroente.

Kweken van koolraap

Koolraap groeit het liefst op lichte kleigrond, maar doet het ook op andere grondsoorten. Begin juni kan worden gezaaid en eventueel zes tot acht weken later worden uitgeplant. De plantjes komen op een afstand van 40 tot 50 centimeter van elkaar. Zet de plantjes niet te diep, het te diep plaatsen van de koolraap zal een goede ontwikkeling van de knol niet ten goede komen. Voor een zeer goede ontwikkeling van de koolraap is de aanwezigheid van boor in de grond nodig, in principe is dit aanwezig in de volle grond van de moestuin. Eventueel zou je ervoor kunnen kiezen om je tuin extra te bemesten met wat (kunst)mest waar normaliter boor in zit.

Oogsten van koolraap

In oktober en november kunnen de knollen van de koolraap worden geoogst. De koolrapen zijn bestand tegen lichte nachtvorst, echter indien het matig gaat vrienzen dienet de koolraap geoogst te worden omdat hij anders stuk zal vrienzen. In een koude opslagplaats, met temperaturen rond de één graad Celcius kunnen kan je de koolraap wel bijna zes maanden bewaren. Die lange bewaartijd maakte in vroeger tijd de koolraap ook zo geschikt voor de winter. Om de koolraap te bereiden, wordt deze geschild, in stukjes gesneden en gekookt. Door het koken krijgen ze een zoetige smaak.

Ziekten en ongedierte bij koolraap

Zoals alle koolsoorten is ook de koolraap gevoelig voor schimmels, ziekten en plagen Dan gaat het bijvoorbeeld om knolvoet of valse meeldauw. Ook rupsen, bijvoorbeeld van het koolwitje, de koolmot en de kooluil snoepen graag van het blad van de koolraap.